Thewa #17: de achterbank

‘Kijk nog eens goed dan, misschien is íe onder de bank gevallen,’ spoort Marly me aan. Ik ben al een kwartier bezig mijn mobiele telefoon terug te vinden, ergens in de auto. 

‘Kan toch, na die noodstop? Ik klapte bijna met mijn hoofd tegen de voorruit’ ging ze verder. Ze trekt me aan mijn broekriem terug en duikt zelf op de achterbank.
In een vreemde positie hangt ze ondersteboven en kijkt onder de voorstoelen en de achterbank.

‘Zie je wel!’ Triomfantelijk vist ze mijn mobieltje onder de voorstoel vandaan en kruipt achteruit de auto uit. Haar ronde kont komt als eerste, dan haar lange benen.

‘Sukkeltje! Niet meer op ‘stil’ zetten joh en altijd in je tasje.’

 

Dankbaar doe ik precies wat ze zegt en berg hem goed op. Na alle consternatie ben ik echt toe aan een kop thee. De auto staat netjes langs de kant, maar niet op een parkeerplaats. 

‘Laat mij maar rijden Mar, zo’n stomme actie hoef ik niet nog een keer vandaag.’

Ik gris de sleutel uit haar hand en loop snel om de auto heen. Nog geen twintig minuten geleden zat ze luid pratend en half append achter het stuur van de Mini.  Hoewel ik al een paar keer met geknepen billen had gezegd dat ze rustiger moest rijden en van die mobiel af moest blijven, scheurde ze met een rotvaart door het centrum van dit kleine Drentse dorp.  Ze trok zich weinig aan van verkeerslichten of van zebrapaden, met de opmerking ‘Ah joh, in Rotterdam rij ik met mijn ogen dicht, er is geen kip te bekennen hier.’ 

Hoewel we toch al heel wat jaren vriendinnen zijn en ik haar energie bewonder, sta ik doodsangsten uit als zij rijdt. En, naar blijkt, terecht. 

 

Vlak voor ons stak een wat oudere heer plotseling over op het zebrapad. 

‘Mar, kijk uit, stoooop!’ schreeuwde ik en met een slingerende beweging week ze uit, vol op de rem. Net op tijd hadden we de oude baas kunnen ontwijken. Woedend keek hij onze kant op en begon een behoorlijke scheldtirade af te steken in een dialect dat we moeilijk konden volgen. Na wat heen en weer gescheld tussen Mar en de oude man, had ik beschaamd de Mini aan de kant gezet en haar tot kalmte gemaand. Zoals gebruikelijk.

 

Ik rijd met een beschaafde 30 kilometer per uur door het centrum van dit pittoreske dorpje. Op een pleintje zien we een oude boerderij die is omgebouwd tot ’Grand Cafe Werklust’. De geruite lampenkapjes geven licht achter de glas in lood ramen. Vlak voor de deur parkeer ik.

Als we binnenkomen, draaien de hoofden onze kant op. Het is overduidelijk dat wij stadse meiden hier niet thuishoren. Ik trek me er niets van aan en sleep Marly mee naar een tafeltje in de hoek.

We bestellen allebei een kop thee en een sandwich bij de nurkse bediende. Marly zegt weinig, heerlijk, even rust.

 

Ik neem net een enorme hap van mijn boerenbrood als er een bel klinkt en de deur weer opengaat.  ‘Shit,’ hoor ik Marly zeggen als we zien dat het de oude man is van daarnet, nu vergezeld door een jonger exemplaar van een jaar of vijftig. 

Ik duik een beetje in de kraag van mijn jas, maar dat helpt niet. De mannen lopen rechtstreeks op ons af en kijken niet erg vergevingsgezind. Ik voel hoe Marly’s bloed bij voorbaat al begint te koken.

‘Mag ik even een woordje met u spreken?’ zegt de man, die bedenkelijk de zoon is. 

Hij spreekt keurig Nederlands, zonder accent en zeer formeel. Door de schrik is mijn mond kurkdroog en krijg ik het dikke brood niet doorgeslikt. Maar Marly moet natuurlijk weer haar grote bek opentrekken: ‘Tuurlijk, ga gewoon zitten.’ 

Ik voel aan mijn water dat dit niet goed gaat aflopen. Zoals wel vaker als ik met haar op stap ben.

 

‘Mijn vader kwam zojuist behoorlijk overstuur thuis,’ begint hij. 

Zijn vader zet zijn woorden kracht bij door diep te zuchten en hulpeloos te kijken.

’Het schijnt dat u nogal hard ging en hem bijna van de sokken reed. En hem daarna ook nog eens hebt uitgescholden voor ‘demente idioot’. Klopt deze representatie van de gebeurtenis?’ 

Ik schaam me kapot en kijk stuurs naar buiten.
‘Laat Marly dit zelf maar oplossen,’ denk ik.

‘Nou ja, zo’n beetje wel. Maar uw vader begon zo lelijk te doen! Kijk, ik reed misschien een beetje te hard, maar kom op, er was geen hond op straat en ik ben op tijd gestopt. Dat is toch geen reden om zo uit je dak te gaan tegen mij? ’ zegt Marly en kijkt zo schattig als ze maar kan.

‘Hier doen we de dingen wat anders dan in de stad jongedame,’ zegt de zoon streng. 

‘Het zou wel fijn zijn als u uw excuses aanbiedt aan mijn vader.’ 

Hij is kort van stof maar zeer duidelijk. Marly stoot me aan, probeert mij in het gesprek te betrekken, maar ik kijk schaapachtig naar de zoon en glimlach met mijn lippen op elkaar geperst. 

‘Nou, dan moet hij ook zijn excuses aanbieden. In Rotterdam is het ook niet gebruikelijk dat je direct wordt uitgescholden hoor! Dendju, we zijn hier volwassen mensen toch? Dus..’ 

Ze doet haar armen over elkaar en kijkt vastberaden. Ik zucht en biedt de heren een kopje koffie aan. De vader knikt naar me. 

 

‘Sorry meneer,’ zeg ik, om de boel tot bedaren te brengen. 

‘Al goad hor,’ zegt de oude baas en roert langzaam in zijn kopje koffie dat net voor hem is neergezet.

Voor Gert, zoals de zoon blijkt te heten, is het echter nog niet goed. Hij eist een excuus van Marly, die natuurlijk categorisch weigert als de vader het niet ook doet. De discussie laait op, ik zie dat Marly zich steeds meer opwindt en Gert rood aanloopt. Terwijl de vader en ik ons gegeneerd terugtrekken van het gesprek, vliegen felle woorden over het perzisch tapijt van de tafel. Ondertussen kijkt het hele café zwijgend toe. 

 

‘Verwend nest,’ schreeuwt Gert die alle formaliteiten nu laat varen, 

‘je verdient een pak slaag op je brutale kont!’ 

Marly staat resoluut op.

‘Dat is het beste voorstel van vandaag,’ zegt ze luidkeels terug. 

Ze schuift met veel misbaar haar stoel naar achteren, pakt haar jas en loopt naar de deur. 

‘Nou, waar wacht je nog op?’ zegt ze demonstratief tegen Gert. 

Er gaat gemompel door de ruimte en bijval klinkt. 

‘Ja, doe Gert, geeft ut nest een rammel!’

Gert staat op, loopt langs haar naar buiten en trekt haar mee het plein op. Door het raam zien we hoe ze buiten op de stoep verder ruziën. Dan pakt Marly haar tasje, haalt er de sleutel van de Mini uit, doet het portier open en gaat op haar knieën op de achterbank liggen, met haar kont naar hem toe en half uit de deuropening gestoken. 

Uit ervaring weet ik dat ingrijpen geen zin heeft, dat de boel sussen alleen maar olie op Marly’s vuur is. 'Ze doet het toch echt zelf,’ bedenk ik weer, en probeer niet te reageren. 

 

Alle cafébezoekers staan nu voor het raam te kijken en moedigen Gert aan. Gert kijkt achterom, naar de gebarende Drentenaren, naar de opengesperde mond van de dame met een bloemetjesjurk, naar zijn vader die grinnikend pak-slaag-gebaren maakt.
Hij doet zijn jasje uit, vouwt het netjes op en legt het op de grond. Dan stapt hij naar voren, aarzelt even, maar doet dan het jurkje van Marly omhoog en kijkt vol tegen haar rode string aan die strak tussen haar ronde billen zit. Binnen beginnen de mannen te joelen. Gert weet dat hij nu niet meer terug kan, hij kan geen gezichtsverlies lijden.

 

Met zijn volle hand geeft hij een pets op de brutale kont van mijn vriendin, het vlees trilt na en een rode plek blijft achter. Ik hoor haar gillen: 

‘Is dat alles, slapjanus, als je het doet doe het dan goed!’. 

Gert slaat, hij slaat door, slag na slag op haar lillende vlees, voor de ogen van de cafébezoekers die ineens zijn stilgevallen van ontzag.
Ik weet wat er gaat komen, ik ken Marly langer dan vandaag. En inderdaad, Marly doet haar benen wat wijder en steekt haar kont nog verder naar achteren.

‘Oh toe dan Gert, toe, nog meer.’ 

Het geluid blijft buiten hangen, maar ik hoor het haar gewoon zeggen.

Onwetend van Marly’s voorkeuren slaat Gert uit alle kracht verder, tot ik haar kont zie wiebelen en haar hand tussen haar benen verdwijnt. Gert’s hand blijft in de lucht hangen als hij zich realiseert dat Marly zich ligt te verlustigen onder zijn strakke handen. Ik zie de verbijstering in zijn ogen, als Marly kreunend slagzij maakt en op haar rug rolt, met haar benen wijd en uit de auto bungelend, en met twee handen zichzelf vingert en over haar clitoris wrijft. Ik zie haar mond opensperren, ik zag het al vaak genoeg, en haar heupen schokken in haar orgasme.

 

In het café is het doodstil geworden. Iedereen gaat terug naar zijn tafeltje en rept geen woord over wat ze zojuist hebben gezien. Alleen de oude baas tegenover me lacht zo hard dat de tranen hem over de wangen rollen.

 

‘Mar, echt, je moet hier echt mee stoppen. Ik schaam me dood voor je! Nooit meer, hoor je dat, nooit en nooit meer ga ik met jou op stap!’ 

Marly kijkt glazig voor zich uit als we het dorp met een rotgang uit rijden. Dit keer ben ik het die de toegestane snelheid overschrijdt. Als antwoord schuift ze wat op de stoel en wrijft met een hand over haar billen.

‘Die Gert was echt goed, ik zweer je. Ik heb zijn nummer, we hebben een date volgende week.’

Commentaar schrijven

Commentaren: 3
  • #1

    Sandra (maandag, 21 november 2016 08:36)

    Wat een heerlijk en origineel verhaal. Met een big smile gelezen :)

  • #2

    Thislexy (maandag, 28 november 2016 21:28)

    Hoi Liza,

    Heerlijk verhaal idd, net als Sandra ook al aangeeft. Ik kon me nog het meeste in die oude baas herkennen. Zoiets zien gebeuren en dat dan de tranen over je wangen biggelen van het lachen. :-)

    Groeten,
    Lex.

  • #3

    Antoinette (woensdag, 30 november 2016 13:43)

    Oh my, wat heb ik genoten van dit verhaal! Ik zou eigenlijk nog wel meer willen lezen over Marly's ondeugende avonturen!

    Antoinette