Na het Zingen - Thewa Maagd september 2015

Het Thewa van September luidt: 
Schrijf een verhaal waarin je beschrijft hoe een maagd reageert als zij per abuis twee mensen over kink of seks hoort praten. 
Als je op de button klikt die onder aan dit verhaal staat, lees je ook de andere prachtige inzendingen.

Na het Zingen

“Blijft binnen het huwelijk zedig en ingetogen en
wijd je aan het voortbrengen van nieuw leven. 

Dat is de Weg, voorwaar, de enige Weg”.


Tijdens de vrijdagavonddiensten voor jongeren zat ik meestal op de derde rij en luisterde aandachtig naar Dominee. Hoog boven ons sprak hij openlijk over zedeloosheid, over samenwonen en hoe het Kwaad ons wilde verleiden. Ik was al 19 en verloofd met Lucas, de zoon van Dominee, maar ik had zelfs nooit zijn hand vastgehouden. Daar was ik trots op, dat ik zo toegewijd was en als maagd het huwelijk zou betreden. We werden samen voorbereid op onze grote taak.


Ik vond het fijn hier te zitten, op de hardhouten banken, met mijn hoofd gebogen. En te weten dat ik na de dienst de kerk voor mijzelf had.  Misschien vreemd, maar ik vind het fijn in mijn eentje de kerk te kuisen. Dan voel ik me dienstbaar en betekenisvol. Ik zorg dat alle liturgieën klaar liggen en voor kussentjes op de banken voor de ouderlingen. Om de paar weken poets ik de kansel, zodat Dominee vanaf stofvrij en blinkend houtwerk ons de moeizame Weg kan wijzen.

Ik had van hem geleerd dat hard werken helpt als ik slechte gedachten krijg. Dus poetste ik de kerk, de pastorie, veegde  grondig de raadskamer van de ouderlingen en als het regende, schrobde ik  minutieus de houten kerkvloer. Zo gaf ik het Kwaad geen kans. Als ik daar zwoegend op mijn knieën zat, met de harde borstel in mijn hand en de ijzeren emmer naast me, werd ik vervuld door gelukzaligheid en warmde mijn schoot zich aan de Nabijheid. Dominee had gelijk, devote dienstbaarheid en hard werken waren louterend. Als ik ’s avonds met klapperende rokken en rode wangen naar huis fietste, gloeide ik van binnen.

Gisteren echter is er iets gebeurd. Gelukkig ben ik nog maagd, maar Lucas en ik zullen snel moeten trouwen voor dit allemaal erger wordt.


Het regende aanzienlijk. Lucas haalde me op en samen reden we naar de vrijdagavonddienst. Hij was stil en afstandelijk. Toen we afstapten en de fietsen op slot zetten, vroeg ik wat er was. Hij balanceerde onrustig van de ene voet naar de andere en vermeed mij aan te kijken.


“Het is maar goed dat we vanavond advies en leiding krijgen Esther”, zei hij binnensmonds. “Soms wordt het wachten me teveel.” 


Verlegen staarde ik naar de punt van mijn schoenen. Lucas draaide zich om en liep met grote passen het voorportaal binnen. Halverwege de grote deuren van het oude dorpskerkje keek hij even om en vroeg schril: ”Kom je nog?” Natuurlijk kwam ik, ik volgde hem. Dominee waarschuwde ons voor de vleselijke verleidingen en gaf tips hoe we weerstand konden bieden.  De woorden van Lucas spookten door mijn hoofd, ik keek af en toe opzij om zijn reactie op zijn vaders' woorden te peilen. Maar hij keek stoïcijns voor zich uit.


Na de dienst was de vloer een grote modderpoel. Ik zei  tegen Lucas dat hij tussendoor naar huis moest (hij woonde tenslotte naast de kerk) en me over een uurtje kon ophalen om me huiswaarts te brengen. Met een draaierig gevoel in mijn buik vulde ik de emmer met water en groene zeep, pakte de hardste borstel, deed mijn schoenen uit en schortte mijn rok boven mijn knieën. Ik begon achterin om dan naar voren toe te werken, want vooraan was de deur naar de zijkamers waar de ouderlingen nog aan het vergaderen waren. Tijdens het schrobben overdacht ik mijn zondige gedachten.  
“Een schoon huis is een schoon geweten”, had Dominee vanavond tegen de meisjesgroep gezegd en zo voelde ik het ook.

Eenmaal voorin de kerk, met het zweet op mijn voorhoofd en natte knieën, hoorde ik twee mannenstemmen ernstig  spreken in de raadskamer. Even dacht ik erover om te kloppen en te vragen of het nog lang zou duren – dan kon ik nog vegen  daar– maar het was natuurlijk ongepast een ernstig gesprek voor zoiets triviaals te onderbreken. Net toen ik me wilde omdraaien, hoorde ik de stem van mevrouw Dijkstra. Mevrouw Dijkstra was de vrouw van één van de ouderlingen en deed allerlei vrijwilligerswerk voor onze gemeenschap. Wat deed ze daar, in de kamer van de mannen? 

Ik wist dat het fout was, maar ik kon het niet helpen dat ik ten prooi viel aan een duivelse nieuwsgierigheid en drukte met ingehouden adem mijn oor tegen de deur.

“Het is niet natuurlijk, Klaas. Het is fout me dit te vragen, al zal ik je gehoorzamen zoals De Schrift van me vraagt. Bovendien doet het zo’n pijn ...”, hierop barstte ze in snikken uit. Ik hoorde meneer Dijkstra antwoorden: ”Lieve, De Schrift vraagt ons elkaar te dienen en getuigt dat intimiteit tussen man en vrouw heilig is. We hebben zes kinderen, het is genoeg zo! Maar ik ben een man en heb mijn behoeftes waar je als vrouw iets mee moet. De achterdeur is gewoon de beste oplossing op zo’n moment, dat heb ik je al vaker uitgelegd!”

De achterdeur? Wat bedoelde hij in vredesnaam? Toen hoorde ik de stem van Dominee.

“Hoe lastig het ook lijkt Rebecca, bidt om hulp, vraag of je ontspannen mag geraken en je zult zien dat ook op die manier, van achteren, de intimiteit tussen echtelieden iets moois is. Je moet je best doen, Klaas heeft je nodig!”

Als door een bij gestoken liet ik de borstel uit mijn hand vallen. Hoorde ik dit nu goed, de achterdeur was toch zeker niet … Maar dat was ondenkbaar!? Moest mevrouw Dijkstra via haar billen haar man toegang geven?  Ik stond enkele minuten aan de grond genageld en voelde hoe het bloed me naar de wangen steeg. In mijn binnenste trok alles samen en werd ik gegrepen door een hongerige warmte die zich door mijn hele lichaam verspreidde. Totaal verward liet ik alles liggen en rende de kerk door, naar buiten, weg van hier.

Bij de zijingang  gooide ik de deur open en bleef buiten met mijn rug tegen de koele muur staan om op adem te komen, gewoon op mijn kousenvoeten. Juist dan kwam Lucas uit de schuur naast de pastorie met zijn fiets. Hij stond stokstijf toen hij me zag staan. Het licht van de straatlantaarns was diffuus, maar later verklaarde Lucas toch dat ik een wilde blik in mijn ogen had en mijn vlecht los zat.

Hij gooide zijn fiets neer en rende naar me toe.

“Wat is er aan de hand? Je ziet eruit alsof je een spook hebt gezien!”, vroeg hij onbeholpen. Ik keek hem als bezeten aan, barstte in huilen uit en vertelde hortend en stotend wat ik zojuist had gehoord en dat ik niet kon begrijpen dat zoiets geen zonde was. Lucas verschoot van kleur, streek wanhopig met zijn hand door zijn haar en keek om zich heen of niemand ons had gehoord of gezien.

Plots trok hij me mee aan mijn arm …
“Esther, pa heeft gelijk, ik zal het je uitleggen, kom, dan gaan we naar de schuur om rustig te praten”.
De plotselinge aanraking van zijn hand was overweldigend en ik kon niet anders dan hem volgen.

Het was warm en droog in de schuur. Het kale peertje aan het plafond gaf een zwak licht en wierp zware schaduwen over onze gezichten. Met de tranen nog op mijn wangen, legde Lucas zijn handen om mijn gezicht en fluisterde:  “Arme Esther, mijn arme meidje…”  

Hij drukte zijn lippen tegen mijn mond, ik worstelde mij los …
“Nee Lucas, dat is een zonde! Ik wil als maagd met jou het huwelijk in, breng ons niet in verzoeking!”

“Es, toe, ik kan dit niet langer. Luister nou, je kunt ook als maagd ons huwelijk in, echt, dat beloof ik je. De manier waar mijn vader over sprak … dat garandeert dat alles in tact blijft, geloof me nou, bijna alle koppels doen het zo.”  
Mijn hele wezen wilde hem geloven en gehoorzamen, mijn hele lichaam reageerde op zijn aanraking, op zijn lippen. 

“Gaan we dan niet naar de hel Lucas, als we het zo doen? ”
Lucas schudde nee, trok me naar zich toe en kuste me zo lang en intens dat ik buiten adem raakte en mijn knieën knikten. 

En toen is het dus zo gebeurd. Terwijl hij achter me stond heeft hij me van voren gestreeld, zodat ik draaierig werd en heel vochtig tussen - ik durf het bijna niet te zeggen - mijn benen. En toen heeft hij me zacht voorover gebogen, over de houten werkbank in de schuur. Het was waar: er was geen hel, alleen een zevende hemel die ons verwelkomde.

Maar dat was gisteren. Ik heb vannacht niet geslapen. Niet alleen omdat ik me grote zorgen maak over de zonde die we hebben begaan. Maar ook omdat mijn hele lichaam als een hete vulkaan voelde en ik niet meer stil kon liggen. Telkens weer beleefde ik hoe zijn lichaam in mijn lichaam kwam, hoe mooi en hoe zoet de verleiding. Vanavond zien we elkaar weer, na Bijbelstudie. Ik kan haast niet wachten ...


Commentaar schrijven

Commentaren: 5
  • #1

    Marcel (vrijdag, 04 september 2015 12:51)

    Wat een heerlijk verhaal. Gek genoeg is het in sommige gemeenschappen nog waarheid ook...

  • #2

    Antoinette (zaterdag, 05 september 2015 10:23)

    Een verhaal dat bijna op het randje balanceert, daar hou ik wel van. Dat niet alleen, het is ook een verhaal dat je toch aan het denken zet, want wat Marcel al zei, in sommige gemeenschappen is dit de realiteit. Heerlijk verhaal, heet!

  • #3

    Wim (zaterdag, 05 september 2015 14:50)

    Super verhaal!! graag vervolg

  • #4

    luckyman (zondag, 06 september 2015 23:50)

    Heel spannend verhaal door het contrast tussen de facade die men ophoudt voor de buitenwereld en het alom aanwezige libido.

  • #5

    Thislexy (vrijdag, 11 september 2015 14:04)

    Het riekt naar een passage uit jouw dagboek en dat maakt het zo knap geschreven. Dit 'gezegd' hebbende uiteraard in de veronderstelling dat het inderdaad géén stukje waarheidsgetrouwe verslaglegging is.
    :-)