In 'Liza Vandaag' leest u mijn meest verse blog! Dat is er slechts één.
Ik schreef nog veel meer lustige blogs. Die vindt u hiernaast, aan de linkerkant, gesorteerd op jaar.
Leest u gerust eens rond, het zal u zeker plezieren.

zo

14

aug

2016

Hangmat-Sex

Nu weet ik niet hoe het met jullie zit, maar ik posteer me niet graag voor de buis. Naast een meer dan fulltime job, een Errug Leuke Lustgenoot, een superhond en mijn schrijfselen, heb ik echt nog meer en wat beters te doen. Zoals het huishouden. Enzo. Dus mij vind je niet vaak voor de tv, of het moet in ieder geval het journaal zijn of een onzin-serie zoals The Big Bang Theory. 

 

Een hoge uitzondering is de tijd van de Olympische Spelen. Ik pik er zo hier en daar meer van op dan de gemiddelde sport-idioot. Ben ik zo geïnteresseerd in sport? Ik moet bekennen: neen ende neen. Evenwel: heb je wel eens naar de 100 meter sprinters gekeken, in die strakke broekjes en enorme schouders met tattoos? Heb je wel eens gezien hoe klein en strak en hoog opgesneden de broekjes zijn van de beachvolleybal dames? En hoe de handbal-dames van het scherm spatten als ze met een halve split omhoog springen en met een energie van hebikjoudaar de bal tussen de wanhopige benen van de doelvrouw mikken? Aahhh...en dan zijn er nog de schoonspringers, de ringhangers, de surfboyz, de paardrijmeisjes, de hardloopsters, de fietsbenen van dames en heren en de enorme biceps en triceps en schouders van de roeiende mannen.....zucht! Aanraders voor de verdorven geest.

Voor een lekkerbek als ik is het bijna net zo fijn als een filmpje van een zeker allooi bekijken. En spannend! In de roes word ik nog enthousiast ook als een van ‘ons’ goed eindigt, een plak behaalt en op het podium met tranen in de ogen ons Wilhelmus zingt. Stiekem pink ik een klein traantje weg. 

Dus. Ik kijk. En tussen het verlustigen door juig ik mee. Omdat het zo’n beetje de hele avond en schrijfnacht als achtergrondje opstaat, zie ik in de slipstream allerlei zin en onzin die er omheen wordt gefabriceerd en uitgezonden vanuit een ooghoek voorbij komen. Een documentaire in dit geval trok mijn aandacht. 

 

“Brasil,” zo werd aangekondigd, “het land van de hangmat”. En hoe Den Opgewonden Mensch de sex-liefde-lust bedrijft in zo een hangmat. ‘Now we’re talking,’ dacht ik, want het is mij nooit gelukt, ooit op een verre reis in Azië, heelhuids de lusten te beleven in de hangmat. En na een paar keer eruit gelazerd te zijn, is de houten vloer van je beach-cabin toch beter. Ach, those were the days! Voor het geval ik me ooit nog in de buurt van een hangmat bevind, is het handig om te weten hoe miljoenen menschenkinderen zich daarin plezieren.

Het bleek te gaan om een heuse cursus voor het vlot beoefenen van de verschillende standjes (zodat men niet de hangmat uitlazert) en daarbij een demonstratie. Het schrijdelings zitten van de vrouw bleek nog redelijk eenvoudig, al vraag ik me daarbij af, op z’n Hollands, hoe je je dan nog kunt afzetten voor de nodige beweging. Dat bleek te worden opgelost door te schommelen, niet in de breedte, maar in de lengte, als een dwarse golf. 

Voorts konden dame en heer (of twee heren ofzo, whatever) met de konten tegen elkaar aan liggen en de dame haar voeten plaatsen tegen de borstkas van de heer. ‘Moet ie wel een lang genoege Johnson hebben of zij kan zich goed dubbelvouwen,’ bedacht ik me. Allez, we hebben het hier over De Braziliaan, die naar eigen zeggen van het meest goddelijke volk is, dus dat is klaarblijkelijk geen probleem. Mooiste vond ik nog wel standje sex-schommel. De te nemen partner ligt overdwars in de hangmat met de gespreide benen hangend over de rand met de heer in kwestie recht ervoor staande. Goed vasthouden was wel het advies, want door de meesterlijke stootkracht van de gemiddelde Braziliaan zou ze anders alsnog aan de andere kant eruit worden gelanceerd. 

Afijn, het zag er leuk uit en het wordt al eeuwen zo gedaan, dus u hoort mij niet zeuren. Voor wie het niet gewend is, zo’n hangmat, is een cursus bij de betreffende in beeld gebrachte dames geen overbodige luxe. De cursus was tjokkevol met touristas die hun eerste eruit-flikker-ervaringen al achter de rug hadden. Ik kreeg daarbij toch wat hilarische beelden op het netvlies. Van die grote witharige Duitsers met rode neus en te dikke buik. De sokken nog aan en een kirrende braziliaanse superslanke schone die zich in de hangmat heeft vastgehangen. Of een kleine Italiaan met snor, op slippers, met een zeer rondborstige volumineuze wulpsheid in den mat, die net niet bij de rand kan komen en voor wie de hangmat wat lager moet. En als ik bedenk hoe dat dan moet met ‘op z’n hondjes’, krijg ik diep- en diep respect voor de kunsten en de balans van de hangmatterende Brasilian Lover. Ik heb het gegoogled, natuurlijk. Prachtige standjes verschijnen, met getekende indianen. Probeer maar zoekterm ‘sex in hangmat’. Fantastisch! Maar voor ons bedspringers zal dat nog wel even oefenen zijn vrees ik.

Evenwel: ik kruip dadelijk heel gewoon en tevreden tegen de warme rug en kont van mijn heerlijke Lustgenoot in het ordinaire platte bed. Op de Ipad kijken we samen nog een beetje vrouwen-beach-volleybal als slaapmutsje.  Hoe Hollands.

meer lezen 1 commentaren

wo

10

aug

2016

Thewa #14: shoppen

Thewa #14 heeft het illustere onderwerp: shoppen. Het inspireerde mij tot het volgende verhaal, waarin maar weer eens blijkt dat shoppen slechts een substituut is voor andere verlangens!

 

 

Het mooie avontuur van Hortense

 

Verveeld streelt ze de kop van Albert en kijkt voor de derde keer op haar horloge. Nu is Leendert alweer te laat met de auto, dat gebeurt te vaak de laatste tijd. Ze zal hem eens goed aanspreken op dit gedrag. Albert smakt als hij weer een snoepje krijgt, om het wachten te verzachten. Ze zucht geïrriteerd nu en zet de neurotische Chihuahua op zijn pluchen lichtblauwe kussen. Hoewel zijn blauwleren hondendekje is afgezet met goud geborduurde kroontjes in de stijl van Louix de XIVe, is er weinig  keizerlijk aan zijn trillende lijfje en zijn kopje met de gemeen uitpuilende ogen. Hij piept als zijn bazin langs hem loopt om uit het raam te kijken waar Leendert toch blijft.

Hortense draait zich naar hem toe.
“Albertje toch, je wilt zo graag shoppen hè, mannetje van me? Die vreselijke Leendert ook....”
Ze zet zijn Louis Vuitton tas klaar om hem in te doen als Leendert zich ooit nog melden zal.  Wat duurt het toch lang!

Haar mobiel gaat. “Met Hortense, wie daar?” roept ze veel te luid, alsof de beller vanuit Nepal belt in de jaren vijftig.

 

“t Is Leendert mevrouw. Ik wou effe zeggen dat ik niet meer kompt. Mijn zuster in Charlois is ziek en ik mot er naar toe. De auto staat in de garage, dus u ken gewoon zelluf rijden.” Zonder haar antwoord af te wachten, dat ongetwijfeld een scheldkannonade van dure woorden zou zijn geworden, verbreekt hij de verbinding. Onthutst legt Hortense haar mobiel terug op tafel en staart naar buiten. 

Zelf rijden? Ze heeft al twintig jaar niet zelf gereden. Het zou een belachelijke vertoning zijn, zij achter het stuur. Bovendien heeft ze haar aandacht ook voor Albertje nodig.  Schalks kijkt ze naar haar hondje, die intussen hijgend van de stress begonnen is aan zijn zak te likken. 

“Albertje, niet doen schatje,” zegt ze afkeurend. Albert kijkt schuldbewust van zijn kussen omhoog en trilt.

Ontdaan belt ze haar huishoudster en legt haar de vreselijke toestand voor. “Hoe moet dat nu? Albertje heeft er zo op gerekend....”
Clara zucht onhoorbaar en stelt voor een taxi voor haar te bellen. 

“Oh, ik had toch liever dat jij zou rijden Clara,” probeert Hortense nog, maar de anders zo plichtsgetrouwe huishoudster maakt duidelijk dat ze vandaag toch echt een vrije dag heeft en voor haar kind moet zorgen. 

“Ik zal speciaal om een chauffeur vragen die de hele dag bij u blijft en u helpt met de tassen. Zie het maar als een mooi avontuur mevrouw,” zegt ze sussend.

“Vooruit, het zal moeten, en zeg maar dat hij met me mee gaat de winkels in!” antwoordt Horstense alsof ze heel toegeeflijk is.

Na een half uur gaat eindelijk de bel. Hortense beseft eerst niet dat zelf de deur moet openen nu Clara én Leendert er niet zijn. Pas als de bel voor de tweede keer door de marmeren gang schelt, doet ze aarzelend open. Voor haar staat een jongeman, niet ouder dan 25. Hij heeft een modern zwart pak aan en zijn schoenen glimmen van de poets. Zijn zwarte haar is met brylcreem achterover gekamd en glimt nog meer dan zijn schoenen.

“Uw taxi mevrouw, met chauffeur!” Hij salueert lachend met zijn parelwitte tanden bloot.

Hortense, in lichte schok, besluit niets te zeggen, doet Albert in zijn tas, doet haar bontje om en loopt nuffig naar de zwarte Mercedes. Ze wacht tot de brutaal knappe chauffeur de autodeur voor haar opent en neemt met een zucht plaats op de achterbank, de tas met Albert naast haar.  Ongemakkelijk kijkt ze uit het raampje, hopend dat de buren haar niet zien.

“En, waar gaan we vandaag naar toe mevrouw?” vraagt hij. 

“Zeg het maar, ik heb de hele middag voor u gereserveerd. U zult geen betere shopper vinden dan ik, ik heb vier zussen met een gat in hun hand!” Hortense vindt de jongeman veel te vrijpostig. 

Uit de hoogte zegt ze schril: “Laten we maar beginnen bij Michael Kors op de Kruiskade. Ik kan me echt niet meer met deze oude tas vertonen.” 

Demonstratief houdt ze haar bruinlederen Prada omhoog, die nog rustig een duizendje of wat zou opbrengen in het tweedehands circuit. 

“En dan wil ik even stoppen bij Schaap en Citroen, voor een nieuwe halsband voor mijn mannetje,” fleemt ze terwijl ze achter de oortjes van de nog steeds trillende Albert krabbelt. 

“Mijn toetietoetie,” zegt ze liefkozend terwijl ze haar gezicht vlak bij zijn kopje duwt en zich op de mond laat likken. 

“Hij is helemaal van slag door die toestand met Leendert,” legt ze uit.

“Ik begrijp het mevrouw, het is voor iedereen wennen. Mijn naam is overigens Boris, zo genoemd naar mijn opa die uit Rusland kwam. Een echte zeeman, aangeland in Rotjeknor en nooit meer weggegaan vanwege de liefde. Hahaha, die Hollandse vrouwen, nou, mijn oma heeft hem goed bij de tang gehad met acht kinderen! Op naar de West-Kruiskade dan maar.”

 

Het ongewone gezelschap parkeert bij het Hilton en gaat winkel in, winkel uit. Boris toont zich inderdaad een uitstekend adviseur, draagt zonder te vragen de jankende Albert met zich mee en wacht geduldig tot Hortense het zoveelste tasje, jasje, dasje en schoentje heeft gepast. Een roze mantelpakje dat meer kost dan drie van Boris’maandsalarissen en een halsbandje voor Albert waarmee hij makkelijk zes maanden huur kan betalen later, nuttigen ze een thee in het Hilton.

“Ik heb nog steeds geen handtas,” zegt Hortense verdrietig. 

“En ik heb een benefiet lunch van de Rotary volgende week, hoe moet dat nou?”

“Kom kom, niet zo triestig,” zegt Boris. “U heeft al die dure spullen eigenlijk helemaal niet nodig! U moet de blits maken met uw verschijning, niet uw spullen.” 

Hortense kijkt hem verbaasd aan. 

“Je bent heel aardig Boris. En best gezellig, geef ik toe. Maar op mijn leeftijd en in mijn kringen gaat het niet meer om het uiterlijk, maar om wat je draagt.” De sfeer aan de theetafel wordt vertrouwelijk. 

“Hortense – mag ik Hortense zeggen? – achter je geblondeerde kapsel en je deftigheid en je parelketting en je perfecte make-up en je grote ringen smeult een sensuele vrouw. Dat zie ik gewoon. En ik kan het weten, je weet toch, ik ben een Rus. Met dat roze mantelpakje, een goed korset er onder, mooie naadkousen en zwarte hakken en verder niks, hangen de mannen aan je lippen, zeker weten.”

Hortense bloost en vergeet zowaar Albert tot kalmte te manen, die doorkrijgt dat de aandacht van zijn bazin zich verlegt van hem naar Boris en met korte blafjes haar terug probeert te winnen.

“Het is jaren geleden Boris, dat een man mij sensueel heeft genoemd. Vroeger, toen Frederik nog leefde en we pas getrouwd waren, nam hij de mooiste lingerie voor me mee uit Parijs.”

“Heb je die nog?” vraagt Boris spontaan.

“Ik denk het wel, misschien passen ze niet meer zo goed als toen, al ben ik niet veel zwaarder geworden. Ik houd me strikt aan mijn dieet.”

“Dan gaan we nu naar je huis om ze te passen. En zal ik je haar en make-up doen. Wedden dat je er straks uitziet als een vamp?” 

Demonstratief staat hij op, buigt kort voor haar en steekt haar zijn hand toe om haar te helpen opstaan. Hortense giechelt zenuwachtig. Albert kwijlt van ellende over de buitenkant van de Louis Vuitton.

Op haar bed liggen tientallen korsetjes, korseletjes, kanten bhtjes en doorzichtige slipjes. Met strikjes en roesjes, keurig in zacht papier gewikkeld met lavendelzakjes. Een voor een houdt Hortense ze omhoog. Boris geeft zijn commentaar. 

“Te lief. Te zoet. Dat is nu te klein.” 

Dan valt zijn oog op een strak zwart satijnen waisttrainer en vouwt het papier helemaal open. De linten aan de achterzijde zitten een beetje in de knoop met de haakjes en de baleinen.

 

“Deze! Jij stoute dame, ik wist wel dat je een ondeugende kant had. Gewoon passen, ik rijg je wel in.” Boris doet haar grijze jurkje aan de achterkant open en fluit even tussen zijn tanden.

“Wat een figuurtje, je mag er nog steeds zijn hoor” vleit hij haar en legt even zijn handen op haar heupen die bekneld zitten in een witte step-in. Hortense merkt op dat ze net zo goed zijn moeder had kunnen zijn, Boris veinst dat niet te geloven. Voor ze goed en wel haar jurkje uit heeft en zich bevrijd heeft van de step-in, staat Boris vol ongeduld vlak voor haar. Haar witte voorgevormde bh weet hij in een handomdraai los te krijgen. Terwijl hij haar diep in haar grijze ietwat angstige ogen kijkt, legt hij zijn handen over haar borsten en brengt zijn gezicht langzaam dichterbij.

“Ik ga je heerlijke borsten aflikken Hortense,” zegt hij bijna zakelijk. “En dan lik ik je buik en leg ik je op bed en ga ik je kutje likken.”
Hortense valt bijna flauw als Boris de daad bij het woord voegt.

Tussen de roze, witte, rode en zwarte kantjes likt Boris met engelengeduld en smaak het dameskutje van Hortense. Van de zenuwen komt ze niet klaar en durft ze amper te bewegen, maar dat blijkt Boris niet te hinderen. Na een minuut of twintig doet hij zijn hoofd omhoog, lacht met een glinsterende kin en gebiedt haar op haar knieën te gaan zitten. 

“En nu ga ik je neuken,” zegt hij eenvoudig. Hij is hard en stevig en jong en heeft geen helpende hand nodig om een erectie op te hemelen. Onhandig doet Hortense wat hij zegt en laat zich met kloppend hart voorover duwen, met haar wang op een zachtgroene babydoll. Boris schuift in een keer naar binnen, legt zijn handen op haar ronde damesheupen en maakt met de directheid van de jeugd pompende bewegingen.

 

Hortense denkt aan de lange nachten die ze doorbracht met haar Tarzan, aan haar pogingen om Albert te laten doen wat Boris net deed. Ze denkt aan Frederik die er al meer dan tien jaar niet meer is en denkt aan de frigide dames van de Rotary. Aan dit alles denkt ze, terwijl Boris haar neukt als een God en zij bij iedere stoot het Nirwana nadert. 

“Hortense, ga toch los meid, voel hoe ik je sappige kutje neuk, kom gewoon lekker, ik vind je zo geil, met je kont zo omhoog,” kreunt Boris. 

 

Zijn woorden nemen haar schroom en schaamte weg. Ze spreid haar benen, duwt haar kont omhoog en laat zich gaan. 

“Oh ja, neuk me harder Boris, God, ik ben al zo lang niet geneukt, harder, toe dan, oooohhhw, laat me komen,” schreeuwt Hortense en klauwt met haar handen in de lakens van Egyptisch linnen.

Het zweet druipt van zijn strakke bovenlijf op haar roze billen. Hij kan het niet weerstaan en slaat hard, eerst met de ene, dan met de andere hand. Haar vlees trilt mee. 

“Meer Boris, meeheeheeer,” gilt Hortense. Boris slaat, door alle barrières heen, tot Hortense kermend, gillend en spartelend klaarkomt. Boris bijt op zijn tanden, haalt zijn druipende pik uit haar en steekt hem zonder omhaal tussen haar billen. Weer een schreeuw, nu van schrik en onwennigheid. 

“Hortense, wat heb jij een strak en keurig kontje. Ik ga dit maagdelijke kontje van jou helemaal volspuiten,” gromt hij. En zoals gebruikelijk voegt Boris hierbij de daad bij het woord.

 

Op zijn kussen in de woonkamer ligt Albert  in het donker. Hij begrijpt niets van de geluiden die vanuit de slaapkamer van zijn bazin komen en likt nerveus aan zijn aars.

 

In de lunchzaal bij de Rotaryclub draaien alle hoofden als ze binnenkomt. Haar borsten bollen aan de bovenkant over het strakke roze jasje met een zwarte bies heen en laten een klein zwart kanten randje zien. Haar taille is slank, door het korset loopt ze kaarsrecht en met ingehouden adem. Het roze rokje heeft een split aan de achterzijde.  Bovenaan piepen net de kanten randjes van haar naadkousen tevoorschijn. Haar zwarte hakken van lakleer zakken diep in het hoogpolige tapijt. Achter haar loopt Boris, strak in het pak en goed gekapt.  Als het tijd is om plaats te nemen, geeft hij een klinkende klap op haar kont, leidt haar naar haar stoel en laat haar galant plaatsnemen. Hortense werpt hem een kushandje toe.
Het wordt bijzonder stil in de club. Alleen uit de tas van Albert klinkt een nerveus likkend geluid. 

meer lezen 5 commentaren

zo

10

jul

2016

De Bevrijding - Workshop 30-07-2016:

Voor de bijeenkomst van 30 juli 2016 is het thema: maak een erotisch verhaal bij deze foto. Het mag minimaal 500 en maximaal 2500 woorden bevatten. Na een heerlijk schrijfweekend met mijn Lief, en geinspireerd door Aletta Jacobs (don't ask), schreef ik dit romantische emotionele verhaal. Te lang, want het bevat 3230 woorden. maar ik kreeg het niet over mijn hart het in te korten.

 

De Bevrijding

In het jaar dat de eerste vrouw daadwerkelijk gebruik maakte van het in 1919 ingevoerde algemeen kiesrecht voor vrouwen, werd ik geboren. Het was 1922. 

Mijn tante, Aletta Jacobs, begeleidde mijn aan haar gezin toegewijde moeder als arts. Ondanks de enorme verschillen tussen de twee zusters, waren ze elkaar zeer toegenegen. In tegenstelling tot tante Aletta, die op de barricades stond en vocht voor de rechten en vrijheid voor alle vrouwen, koos mijn moeder voor het gebonden Joodse moederschap. Ik was pas zeven toen mijn tante overleed, maar oud genoeg om me te herinneren wat ze altijd tegen me zei:
‘’Volg je hart, Charlotte, laat geen man jou vertellen hoe jouw hart kloppen moet.”

 

Mijn vader had een kousen- en garnituren winkel op de respectabele Fahrenheitstraat in Den Haag. De zaak draaide goed, we woonden op een steenworp afstand van de winkel en genoten als welgestelde middenstanders enig aanzien in de buurt. Het leven ging ons voor de wind, ook al werden we in sommige kringen gemeden, omdat het algemeen bekend was dat tante Aletta familie was. Haar open huwelijk, het stalken van premier Thorbecke en de bekendheid die ze kreeg als eerste Nederlandse die afstudeerde aan de Groningse universiteit, haar artsenpraktijk met spreekuren voor voorbehoedsmiddelen voor vrouwen en haar dwingende toespraken voor meisjesscholen om vooral te gaan studeren, maakten haar niet erg geliefd onder de gevestigde orde van het conservatieve Den Haag.

 

Mijn moeder werkte nooit mee in de winkel van mijn vader. Dat kon ook niet, met acht kinderen had ze het druk genoeg. Maar ik vond het van jongs af aan heerlijk om er rond te hangen na school. Grote rollen gekleurd lint en kant lagen op kleur in de grote muurstellingen. Aan de achterkant van de zaak, achter een zwaar velours gordijn, was de kousenafdeling. Toen waren alle kousen nog van zijde, wol en katoen, nylon kwam pas na de oorlog. Het glijden van de zijden kousen in mijn hand als ik iets aan moest geven aan Trees, een mollige weduwe die tegen de veertig liep en onze oudste bediende was, bezorgde me altijd kippenvel.

 

Mijn ouders waren ingetogen en hoewel ze een totaal ander leven leidden dan mijn moeders illustere zuster, waren ze liberaal in hun opvattingen en gaven mij als meisje alle kans op te bloeien en mijn zelfstandigheid na te streven. Waar mijn leeftijdsgenootjes rond hun zeventiende werden gekoppeld aan ‘’goede jongens’’, stoomde mijn vader mij klaar om de winkel later over te nemen. 

Ons gezin was hecht, liefdevol en stabiel. We hadden geen geldzorgen. Ik voelde me veilig en keek vol vertrouwen naar een succesvolle toekomst. Thuis werd er wel gesproken over de politieke ontwikkelingen in de wereld, zoals de kristalnacht, en de mobilisatie die gaande was. Maar als toen zeventien-jarige had ik geen benul van de ernst van iets dat zich ver weg leek af te spelen. Ik werd achttien op 10 mei 1940. Op die dag werd mijn beschermde liefdevolle leventje weggevaagd door de branden in Rotterdam, waarvan ik het schijnsel aan de horizon kon zien vanuit het dakraam van ons huis.

 

Binnen een paar maanden raakten mijn ouders alles kwijt wat zij hadden en ik dus ook. Ons gezin viel uiteen. Mijn ouders werden gedeporteerd. Ik vluchtte van onderduikadres naar onderduikadres en overleefde ternauwernood een razzia waarbij ik werd neergeschoten en op het nippertje werd gered door dappere omstanders. 

Alleen mijn oudste broer kon ik na de vijf martelende jaren van de oorlog omarmen, de rest van mijn familie was opgeslokt door de oorlogsmachine en keerde niet meer terug uit de kampen.

 

Tijdens de oorlog werd onze winkel verpand aan de kunsthandel van Anton, die het benutte als opslagplaats en daar kostbare werken verstopte voor de honger van de nazi’s. Nooit had ik kunnen bedenken dat Anton, de jonge knappe eigenaar, mijn jeugd al die jaren wist te bewaren en het mij teruggaf op een moment dat ik het ongelooflijk nodig had.

 

In de vooroorlogse jaren was ik een snelle leerling geweest en op het Gemeentelijke Gymnasium mocht ik zelfs een klas overslaan. Ik was dus net zeventien toen ik eindexamen deed. Ik wilde heel graag naar de Hogere Handelsschool, maar die deed erg moeilijk over mijn toelating. Zodoende had mijn vader het op zich genomen mij zelf op te leiden tot een waardige opvolger van zijn winkel en was ik er dagelijks te vinden.

Een paar weken na mijn eindexamen stond ik met Trees een kop thee te drinken op de zonnige stoep. Hoewel ik Anton natuurlijk wel kende van gezicht, had ik nooit echt met hem gesproken. Die dag kwam hij naast ons staan en babbelden we wat over het mooie weer. Een vaste klant noopte Trees met haar naar binnen te gaan, mij veelbetekenend aankijkend dat ik ook snel moest komen en niet moest staan kletsen op de stoep met een ongetrouwde man.

 

Zodra Trees uit zicht was, veranderde Anton van gespreksonderwerp en sprak mij persoonlijk aan. 

“Dus je bent niet alleen verdomde knap, maar ook nog eens verhipte slim? Charlotte heet je toch? Ik hoor dat je later de zaak hier gaat overnemen. Geweldig! Het wordt hoog tijd dat vrouwelijke ondernemers zich laten zien. Je vader is trots op je hoor, en terecht.” 

Ik bloosde om mijn onthulde ambities. 

“Onze kunsthandel bestaat al 30 jaar, ook ik heb mijn vaders zaak overgenomen,” vervolgde hij. Mijn hart sprong op door de ontdekking dat we iets gemeenschappelijks deelden.

“Dus Kunst zit in de familie? Dat is echt heel mooi,” fleemde ik, onder de indruk van zijn uiterlijk en zijn zelfverzekerdheid.

“Meer dan dat, schone Charlotte. Wist je niet dat mijn achternaam Mauve is? Mijn grootvader was de bekende Anton Mauve, van de Haagse School, en mijn oma was de nicht van Vincent van Gogh. Ach, misschien zegt je dat niets. Mijn vader had niet het grote talent van mijn opa, maar ik kan best verdienstelijk schilderen, al zeg ik het zelf. Ben je nooit bij ons binnen geweest? Moet je eens doen, dan zal ik je wat werk van mijzelf laten zien. Ik heb een klein atelier achterin.”

 

Pas aan het begin van de herfst durfde ik het aan. In de zomer keek ik uit naar onze praatjes op de stoep, enkele keren per week. Zodra Trees zijn hoofd tevoorschijn zag komen, was ze er als de kippen bij om mij te chaperonneren. Ze had wel in de gaten dat mijn bakvis-fantasieën over de knappe mondaine Anton steeds grotere proporties aannamen. Maar pas toen het weer guur werd en de wollen kousen weer aan moesten en de stoepgesprekjes wegvielen, raapte ik mijn moed bij elkaar het atelier te bezoeken na werktijd. Ik had thuis verteld dat ik naar een voorlichtingsavond zou gaan van de  SDAP. Maar in plaats daarvan glipte ik nerveus de winkel binnen van de vooraf ingelichte Anton.

 

Buiten schemerde het en de lampen in het atelier waren al aan. Het was een kleine ruimte, net genoeg voor drie of vier doeken die op een ezel stonden uitgestald. Overal lagen met verf besmeurde lappen en stonden er potjes met kwasten in terpentine. Eigenlijk precies wat je van het atelier van een kunstschilder mag verwachten. De doeken waren afgedekt met verknipte witte lakens.

Hoewel ik niet niet op mijn mondje was gevallen, wist ik niet wat ik moest zeggen en stond ik wat verloren om me heen te kijken. Anton liep zenuwachtig heen en weer.

“Nou, leuk zeg, dat je er bent. Ik wacht al de hele zomer op je bezoek. Wil je wat warme anijsmelk?”

Met de beker tussen mijn koude vingers zat ik op de punt van een soort podium. 

“Waar is dit dan voor?” vroeg ik om maar iets te zeggen te hebben. 

Ik wist alles van cijfers en handelsbalansen en inkooptechnieken en kousen, maar van kunstschilders had ik geen flauw idee.

“Daar staan mijn modellen op. Kijk, het licht van de ramen valt precies op het midden van het platform. Nu is het al donker, dus zie je dat niet zo, maar ik schilder graag in het herfstlicht, het accentueert de schaduwen en de vormen van de vrouw.”

‘’Hoe ziet dat er dan uit, zo’n schaduwvrouw?”, vroeg ik nieuwsgierig.

“Ik wil je wel wat werken laten zien, maar dan moet je me wel beloven dat je niet schrikt hoor. Je bent nog jong en van goede komaf dus je zult er niet vaak mee te maken hebben.”

“Wat en waarmee te maken hebben?” 

Ik kreeg het er een beetje warm van. Anton was zo mondain en wist overal van, ik voelde me heel onwetend.

“Nou, met naaktheid en erotiek en de schoonheid van de vrouw,” zei hij zacht. 

Ik stond op en liep met bonzend hart naar een van de ezels. Voorzichtig pakte ik de punt van het bedekkende laken. 

“Ik wil het wel zien hoor, ik ben wel wat gewend,” loog ik om niet over te komen als een naïef kind.

 

Het olieverfschilderij was nog niet af. De vrouw was vol en groot. Haar haar hing los op haar rug en ze had alleen een openhangende peignoir aan. Haar vormen waren levensecht afgebeeld. Haar volle dijen en haar ronde borsten waren belicht, de rest van haar lichaam was in een lichte schaduw omhuld. Het zachte licht verraadde liefde en respect. Ik was sprakeloos. 

“Vind je het mooi?” 

Anton stond nu achter me en de lucht die hij verplaatste met zijn stem streek langs mijn oor. Ik voelde me ongemakkelijk en tegelijkertijd wilde ik niets liever dan dat dit moment eeuwig zou duren. En wat nog meer was: ik wilde dat hij net zo teder naar mij zou kijken als hij naar dit model moest hebben gekeken.

 

“Ik heb nog nooit zoiets moois gezien,” fluisterde ik ademloos. 

“Ik wil dit ook Anton. Ik wil dat je mij ook zo schildert.” 

Ik had het gezegd voor ik er erg in had. Anton hield even zijn adem in, zijn lippen vlakbij mijn nek. 

“Je bent te jong, mooie Charlotte, het zou niet goed zijn.”  

Zijn stem was hees en zijn tweestrijd klonk er doorheen. 

“Maar ik wil het Anton, ik wil dat je me schildert! Toe, ik zal het niemand vertellen, niemand zal het weten.” Ik zeurde net zolang tot zijn weerstand brak.

In twee weken tijd benutten wij ieder moment dat ik weg kon zonder vragen – mijn ouders hadden het veel te druk nu het kousenseizoen weer was begonnen.

Ik kwam stilletjes binnen, vouwde mijn kleding behalve mijn zwarte wollen kousen over de stoel en zat dan nerveus op hem te wachten terwijl hij de verf mengde. Ik vond het heerlijk zo te zitten kijken naar hem. Af en toe keek hij op en glimlachte naar me. Als hij klaar was en het laken van de ezel aftrok, was dat voor mij het startsein om met mijn rug naar hem toe te gaan staan, tegen de stoel aan geleund. Terwijl ik zo mijn kuise naaktheid aan hem prijsgaf, vulden mijn gedachten zich met romantische beelden. In mijn onschuld had ik geen idee hoe dat eruit zou zien of hoe dat zou gaan. Ik beeldde me in hoe hij me zou kussen, hoe hij mijn haar zou strelen en hoe we uiteindelijk zouden trouwen, in het zonlicht met een witte wijde jurk en met bloemen in mijn haar. 

Mijn lichaam reageerde sterk op zijn kunstenaarsblik, ik voelde me gestreeld door zijn ogen. Nooit had iemand zo naar me gekeken en nu weet ik ook dat nooit iemand ooit nog zo naar me zal kijken.

 

Slechts één keer heeft hij me aangeraakt. Het was de laatste sessie. Anton was geagiteerd en chagrijnig. Klaarblijkelijk stond ik niet helemaal in de juiste positie en het lukte me niet zijn aanwijzingen op te volgen tot een bevredigend beeld. Met grote stappen liep hij op me af, de kwast tussen zijn tanden, en draaide om me heen. 

“Maak je rug eens hol.”

Terwijl hij dat zei, legde hij zijn ene hand op mijn onderrug en de andere in de vouw van mijn buik en benen. 

“En je billen achteruit, kijk, zo bedoel ik”. Hij duwde mijn heupen in de juiste positie. De warmte van zijn hand gaf een schok. Anton liet zijn hand op mijn onderrug langzaam afglijden naar de ronding van mijn maagdelijke billen.

“Wat ben je zacht en lief Charlotte,” fluisterde hij, “je huid is zo glad en mooi...ik...”

Abrupt liet hij me los, liep terug naar de ezel en schilderde in een moordend tempo met woeste penseelstreken het laatste deel van ons samenzijn. Hij liet me daar staan, buiten adem, met fysieke sensaties die ik totaal niet begreep.

 

In de eenzaamheid van mijn bed, tussen de koude lakens, gloeide de plaats waar zijn hand had gestreeld nog na. Ik volgde de vouw tussen mijn buik en benen, waar hij me had vastgehad. Mijn adem versnelde en voor het eerst in mijn jonge leven raakte ik mezelf aan tussen mijn benen. Ik wist niet precies wat ik deed, maar ik wist wel dat het heerlijk was toen ik mezelf opende en mijn vingers naar binnen liet glijden. Met mijn andere hand wreef ik over het knopje daarboven, dat brandde en klopte en om aandacht vroeg. Die avond had ik mijn eerste orgasme, met het mooie gezicht van Anton voor ogen en denkend aan die handen, die zoveel werkelijkheid wisten te transformeren in een geschilderde droom. 

 

Nu de sessies waren afgelopen, zagen wij elkaar bijna niet meer. We groetten elkaar opgelaten als we de winkel openden, ons bewust van de onmogelijkheid van een verder contact. Het schilderij heb ik toen nooit gezien. Ik leerde die winter van 1939 wat verlangen betekent, en hoe een vrouw zichzelf kan behagen. Bijna iedere avond masturbeerde ik, denkend aan Anton en hoe hij naar me had gekeken. En in de vreselijke jaren die volgden, heeft die warmte me door veel ellende heen getroost.

 

Twee jaar na de oorlog lukte het mijn broer en mij, met veel omwegen en een enorme bankschuld, het pand van mijn vader terug te krijgen. Ik was zo blij, de dag dat we de sleutel kregen! Mijn ontwikkeling als vrouw had stilgestaan. Met mijn broer was ik alleen maar bezig het trauma van de oorlog te overwinnen en we werkten zestien uur per dag om ons leven weer op te bouwen. Onze plannen waren duidelijk en concreet: een kousen en lingerie winkel voor de gefortuneerde dames in het Staatskwartier.

 

Onze ooit zo bloeiende winkel was aan de buitenkant verwaarloosd en we wisten dat het enkele weken fysieke arbeid betekende om alles in de oorspronkelijke hetzij gemoderniseerde staat te herstellen. Stil stak ik de sleutel in de deur, overvallen door de emoties van het moment.

Pas de volgende ochtend ontdekte ik dat in de ruimte achterin, waar ooit de kousenafdeling was geweest, nog enkele doeken stonden van Anton Mauve junior. Op een van de ingepakte doeken zat een envelop geplakt, waarop mijn naam stond geschreven. Met trillende handen pakte ik het uit. Voor mijn neus lag het mooiste wat ik in jaren had gezien: mijn jonge onschuldige lichaam, geleund tegen een later ingeschilderde schouw. Het licht, de details, de aandacht voor iedere penseelstreek, mijn jeugd en mijn ontluikende vrouwelijkheid die het onthulde: alles resoneerde in mijn hart en maakte het verlangen naar een leven als vrouw wakker. Terwijl ik dacht aan de woorden van mijn dappere tante Aletta, “Volg je hart Charlotte, laat geen man jou vertellen hoe jouw hart kloppen moet”, stroomden mijn tranen heet langs mijn wangen. 

 

Ik rende naar buiten, bonsde op de ramen van de kunsthandel naast ons pand, en schreeuwde:
“Anton, Anton, ik ben het, Charlotte, ik ben terug!”

Een grijzende man deed open, met gebogen schouders en een kleurloos gezicht. Het duurde even voor ik hem herkende.   

“Charlotte,” huilde hij. Ik zag pas dat hij het was toen we elkaar aankeken en ik het leven terug zag keren in zijn ogen.

Nadat we elkaar minutenlang hadden omarmd, huilend in stilte, pakte Anton mij bij de hand en leidde mij naar het atelier dat duidelijk niet werd gebruikt zoals vroeger.

Zwijgend haalde hij de lakens van de vier ezels die daar nog stonden. Op ieder doek had hij mij geschilderd. In verschillende posities, met en zonder kleding, maar allen in het liefdevolle tedere licht waar ik toen zo naar had verlangd.

“Ik heb nog tientallen doeken, Charlotte, allemaal van jou. Na jou heb ik nooit meer een andere vrouw geschilderd, je hebt me betoverd. En nu ben je hier, in het echt.” 

Ik streelde huilend ieder doek.

Hij pakte een schoon wit canvas, zette het op de ezel en trok in alle rust zijn overall aan.

Als vanzelf liep ik naar het kleine podium, trok mijn kleding uit behalve mijn – nu zijden – kousen en boog me voorover over de stoel, met mijn billen naar hem toe. De schaamte over de littekens op mijn lichaam en ziel verdween zodra ik zijn liefkozende blik over mijn lichaam voelde glijden.

 

Na een uur legde hij met een zucht zijn palet neer. Ik durfde hem niet aan te kijken, bang dat mijn ogen mijn intense verlangen naar zijn aanraking mij zouden verraden. Anton kwam heel dicht bij me staan, met de kwast tussen zijn tanden. Heel langzaam, aarzelend bijna, streelde hij de ronding van mijn billen, langs mijn dijen en rug. Zijn handen schilderden het leven in mij terug. Ik was ontroerd, geraakt, opgewonden en volslagen overgeleverd aan hem.

 

“Charlotte...is het geoorloofd?” Hoewel ik nog maagd was, al was ik nu 25, had ik de afgelopen jaren voldoende om mij heen gezien om te begrijpen wat hij bedoelde. Ik keek schuin opzij, naar zijn gezicht dat van kleurloos en grijs naar stralend was getransformeerd.

“Anton, al die jaren heb ik van jou gedroomd. Ik ben van jou, maak me de jouwe,” fluisterde ik aangedaan.

Met dezelfde tederheid waarmee hij mijn jeugd op het doek had vereeuwigd, streelde hij mijn lichaam zoals ik het zelf niet had kunnen dromen al die jaren. Nadat hij zijn overall had uitgedaan en op zijn knieën ging en mijn benen spreidde en mij kuste en likte en dronk en ik bijna huilend in een dromerige extase raakte, omarmde hij plotseling mijn lichaam en legde mij op de grond.

Met onze ogen in elkaar verzonken, voelde ik hoe zijn warmte mijn vrouwzijn, die ik had opgesloten in koude eenzaamheid, bevrijdde.
Het deed geen pijn, instinctief opende ik mijn lichaam voor hem en gleed hij bij mij binnen.

Pas toen zijn kloppende lid diep in mij was, werden we overvallen door een bijna dierlijke passie. Hij gromde, ik kermde, hij stootte, ik drukte hem tegen mij aan met mijn benen, hij beet in mijn nek, ik trok diepe voren met mijn nagels in zijn rug. Steeds sneller, steeds heftiger, steeds wilder, namen wij bezit van elkaar.

Als een veenbrand die jaren heeft gesluimerd en nu eindelijk voldoende zuurstof krijgt, bedreven wij de liefde op de houten vloer en beschilderde hij mijn lichaam met de sappen die wij samen produceerden. Tussen de blauwe plekken van de houten vloer en mijn littekens van de oorlog, tekende hij met zijn zaad overal zijn signatuur op mijn gehavende ziel.

 

Ik ben niet meer bij hem weggegaan en het doek staat nu als een trotse liefdesverklaring in de etalage.  Het conservatieve Den Haag spreekt er wel eens schande van. Maar onze handel in erotische schilderkunst, die we de naam ‘Aletta’ gaven, bloeit sindsdien als nooit tevoren.

meer lezen 3 commentaren

za

09

jul

2016

Thewa #13: de Tandarts

Mondje Open!


‘Sommige mannen zijn er nu eenmaal beter in dan andere.’ Teleurgesteld duw ik hem van me af. Beffen is duidelijk niet zijn ding. Plichtmatig had hij monotoon zijn tong op en neer bewogen, net náást mijn hotspot. 

‘Ik denk dat je maar beter kunt gaan,’ zeg ik chagrijnig, ‘dit gaat niet werken.’

Hij mompelt iets als ‘frigide trut’, trekt zijn grijze spijkerbroek en zijn afgetrapte gympen aan en weet niet hoe snel hij mijn rommelige flat moet verlaten. ‘Eikel, what the fuck was I thinking’, denk ik, voor ik in een benevelde coma val.

 

Zo gaat het vaker de laatste maanden. Sinds Tom bij me weg is, laat ik me bij tijd en wijle vollopen in de kroeg. En als ik dronken ben, doe ik echt stomme dingen. Zoals gladde gluiperds mee naar huis nemen. Ik wil ze alleen maar voor de sex en om tegen een warm lijf aan te liggen. Maar het helpt niet. Natuurlijk helpt het niet. Niets helpt tegen de leegte die hij achter heeft gelaten.

 

De volgende ochtend heb ik een verschrikkelijke kater. Van de goedkope wijn en van mezelf. Met mijn ogen toegeknepen staar ik verbijsterd in de spiegel. Wat is er in godsnaam met me aan de hand? Mijn haar plakt klitterig tegen mijn wang, ik heb donkere wallen onder mijn ogen en rondom mijn lippen tekenen zich duidelijke groeven af die je krijgt als je teveel rookt en ongezond leeft. En als ik me niet vergis zitten er grijze sporen van opgedroogd kwijl op mijn kin. Ik walg van mijzelf.    

 

‘Tijd voor harde actie hier,’ zeg ik schor. ‘Te beginnen met een flinke schrobbering voor mijn stinkende bek. Voorwaarts Es, vooooooorwaaarts!’ Met een dikke klodder tandpasta op de borstel, stap ik onder een loeihete douche. Ik laat de hete straal op mijn hoofd kletteren, zeep me goed in, steek ik de tandenborstel in mijn mond en begin te poetsen alsof mijn leven er vanaf hangt. Dan gebeurt het. Als ik met lange halen extra kracht zet, breekt de voorste kies finaal in twee. ‘Shitshitshitterdeshit, heb ik weer!’ 

Ik spoel snel mijn mond, stap de douche uit en kijk door de waterdamp in een half beslagen spiegel in mijn wijd opengesperde mond. Tranen springen in mijn ogen. Zo kan ik echt de straat niet op. 

Ik breek. Alles breekt. Niet alleen mijn kies, maar ook mijn hart laat zich eindelijk voelen. Met een handdoek om me heen, huil ik zeker een uur lang op de koude vloer van de badkamer alle ellende eruit.   

 

De assistente is heel lief, ik denk dat ze aan mij kan zien dat ik rock-bottom zit. 

‘Maak je maar geen zorgen hoor. Je bent lang niet geweest, dus hij zal eerst alles nalopen.’ 

Ik knik gedwee en ga op de hardplastic stoel zitten. Ze heeft me als laatste patiënt van die middag laten komen, waarschijnlijk de vrije tijd van de tandarts opsnoepend. 

‘Als je het niet erg vind, ga ik alvast. Ik moet mijn kindjes ophalen bij het kinderdagverblijf. Het lukt je wel toch?’ zegt ze vriendelijk terwijl ze haar tas inpakt en haar witte jas uitdoet. In de behandelkamer hoorde ik de tandarts zacht praten en niet lang daarna het geluid van de watersproeier. Weer knik ik, moe en gelaten. 

‘Is goed hoor, fijne avond! En nog bedankt dat ik kon komen.’ 

 

De opengaande deur laat ineens echte geluiden binnen in de wachtkamer. Verschrikt kijk ik op vanuit een damesblad dat over een totaal ander leven dan het mijne gaat. Mijn beurt! De tandarts handelt nog wat papieren af met de patiënt voor mij, en kijkt schuin over de balie naar mij.

‘Zo Esther, jou heb ik al even niet gezien. En nu is het behoorlijk foute boel hoorde ik.’ 

Hij staat groot voor me, zijn witte jas strak gespannen om zijn lange lijf. Ik voel me net een klein kind en kijk schaapachtig naar hem op. 

De grote zwarte stoel ziet eruit als een gapend gat in het witte universum. Daar op gaan zitten alleen al betekent voor mij het overwinnen van een irrationele angst. Bang dat ik zal verdwijnen in het grote niets, dat de stoel slechts een poort is naar de hel van betekenisloze vergetelheid. Iets in mij wil kennelijk nog steeds hartstochtelijk leven. Maar ik waag het erop, de halve kies zeurt in mijn kaak.

‘Zo, vertel. Wat is er precies loos?’ 

In plaats van woorden komt er alleen diepe zucht uit mijn mond. En terwijl ik in die vreselijke stoel achterover lig en omhoog staar, met die enorme lamp boven mijn hoofd, en me kleiner dan klein voel, komt ineens alle pijn en eenzaamheid en ellende naar boven borrelen. Ik wil zeggen dat mijn kies is gebroken, maar in een enorme woordenwaterval vertel ik hem dat mijn hart is gebroken. Ik eindig snikkend mijn relaas, stamel dat ik zelfs geen vent meer krijgen kan die fatsoenlijk kan beffen en dat ik mezelf zo heb verwaarloosd dat mijn kies afbrak en dat ik zal eindigen in de goot. Na een korte stilte besef ik wat ik heb gezegd en wend beschaamd mijn hoofd af. 

‘Sorry tandarts, ik wilde u niet lastig vallen met mijn zieligheid. Het was een zware dag.’ 

Ik open mijn mond en hij steekt het spiegeltje erin.

 

Door zijn witte monddoekje boven mijn ogen en zijn handen langs mijn wang die druk doende zijn met allerlei prikdingetjes die heel vervelend voelen, zoek ik een punt om me op te concentreren. Een paar seconden kruisen onze blikken. In contrast met dat witte doekje zie ik ineens de diepgrijze kleur van zijn irissen. Ik kan mijn ogen er niet meer van af houden, alsof ze me naar binnen zuigen. Omdat ik niets kan zeggen, razen de woorden door mijn hoofd. 

‘Hij denkt vast dat ik gek ben. Hoe oud zou hij zijn? Hoe lang kom ik hier al? Nooit opgevallen hoe zacht zijn lange vingers zijn. Misschien vijftig ofzo? God, wat is ‘ie lang bezig...’ 

 

‘Esther, luister. Ik ga je verdoven, dit goed schoonmaken en een noodkroon erop zetten. Meer niet. Dan maken we een afspraak voor volgende week. Er moet echt nog wel meer gebeuren dan alleen die kies. Tijd voor iets nieuws jongedame, clean up your life begint bij je tanden in dit geval. En als ik zo vrij mag zijn als ervaringsdeskundige,’ zegt hij met een glimlach,  ’er bestaan ook leuke mannen in deze wereld die uitstekend kunnen beffen. Maar die vind je niet in de kroeg. We maken er weer een mooie smile van, jij gaat goed bijslapen en detoxen deze week en voor je het weet, ben je weer je leuke zelf. Zonde van een mooie meid als jij om je zo te laten gaan.’ 

Mijn dankbaarheid voor deze bemoediging smelt direct weg, als hij zich omdraait met een grote injectiespuit in zijn hand. 

‘Mondje open!’

Ik doe keurig wat hij zei. Op mijn werk meld ik me ziek. De lege flessen, de foto’s van Tom en alle ranzigheid gooi ik mijn huis uit. Door de verdoving slaap ik die eerste nacht zeker 14 uur achter elkaar en ook de volgende dagen lig ik veel in bed. Op de markt laad ik mijn tassen vol met vers fruit, groenten en vis en ik kook iedere dag een goede stevige maaltijd voor mijzelf. Na een dikke week voel ik me een ander mens. Ik ben zelfs blij dat ik naar mijn volgende afspraak kan bij de tandarts, wederom aan het einde van de middag, alsof het een startpunt is mijn leven opnieuw te beginnen.

 

De assistente is al weg en er zijn geen patiënten meer. De stoel ziet er veel minder angstaanjagend uit nu, dus ik ga direct liggen en doe mijn mond open als hij naast me rijdt op zijn krukje.

‘Wow, je ziet er fantastisch uit! Die gebroken kies heeft je goed gedaan,’ grapt hij. 

Ik klap mijn kaken dicht en glimlach breed. 

‘Lief dat u dat zei tegen me vorige week, dat had ik nodig. Ik ben er helemaal klaar voor, kom maar op!’ Uiteraard doel ik op het plaatsen van die kroon en het vullen van enkele gaatjes, echt, ik heb geen enkele andere bedoeling. Maar als hij ‘Mondje open’ zegt en hij zo dichtbij me komt en ik die rustige grijze ogen boven me zie en die zachte slanke vingers tegen mijn lippen voel, verandert ineens de hele atmosfeer in de behandelkamer. We beogen elkaar. Heel langzaam doe ik mijn arm omhoog en trek zijn witte monddoekje naar beneden. Zijn hand met de verdovingsspuit zakt omlaag, alsof hij het opgeeft.

 

‘Esther, eerlijk, ik heb de hele week aan je gedacht,’ begint hij. 

‘Aan wat je allemaal vertelde. Over die gast die niet kon beffen. Enne...dat ik je graag het tegendeel zou bewijzen.’

Terughoudend streelt hij even over mijn wang, mijn reactie peilend. Die is positief.

‘En ook dat deze grote stoel een bron van genot kan zijn in plaats van een plek van angst.’ 

Zijn hand gaat nu langs mijn nek richting mijn borsten. 

‘Denk je eens in, deze stoel kan alle kanten op. Ik kan er ook in liggen. En als je dan...’ en hier knoopt hij vakkundig mijn bloesje open, duwt met zijn slanke vingers de cups van mijn bh omlaag en neemt mijn tepel tussen zijn duim en wijsvinger...

’...over me heen komt staan, zal ik je met alle persoonlijke toewijding het tegendeel bewijzen.’ 

Er ontsnapt me een diepe verlangende kreun als hij zijn lippen om mijn tepel sluit en zijn hand verder laat dwalen over mijn buik.

 

Ik sta met mijn rok omhoog wijdbeens boven zijn gezicht. De stoel heeft hij heel laag gezet en achterover gekanteld. Zijn handen heeft hij op mijn kont gezet en hij knijpt dan links dan rechts in mijn billen en trekt ze licht uiteen. Met zijn tong trekt hij een glad nat spoor langs mijn dijen. Ik kreun een beetje, dit is hemels. Hij zuigt wat vlees naar binnen, bijt hard in mijn huid en likt er dan met een zachte tong overheen. Iedere centimeter Esther aan de binnenkant van mijn dijen ontvangt gretig zijn gulzige lippen. Als hij bij mijn kutje is, trekt hij mijn billen hard uiteen en duwt zijn neus tussen mijn labia. Hij snuift, snuift mijn geur. Op dat moment wil ik niets liever dan zijn tong, zijn warme stevige vochtige tong. Over mijn klit, in mijn vagina, langs mijn lippen, anywhere! Ik pak zijn hoofd vast en trek hem ongeduldig dicht tegen me aan.  

 

Met zijn neus duwt hij tegen mijn clitoris en zijn tong, stevig en hard, glipt mijn kutje binnen en neukt me. God, deze man weet hoe hij een vrouw moet behagen!  Ik hou me vast aan zijn haar en oren en sla er geen acht op of ik hem pijn doe. Hij duwt me even van zich af, omhoog, haalt een diepe teug adem en trekt me weer naar voren. Hij likt de binnenkant van mijn labia en zuigt zich dan met kracht vast aan mijn kloppende klit. Zijn hand glijdt van mijn kont naar de voorkant. Ik kan me met moeite staande houden, vooral als hij zijn lange slanke vingers in mijn nu natte kutje dringt en in een rustig tempo in en uit beweegt.  Omdat ik bijna zijn haar uit zijn hoofd trek, grijp ik in een reflex het fonteintje naast de stoel als alternatief, klap door de spasmes van mijn buikspieren half voorover en plant mijn andere hand naast zijn hoofd op het zwarte leer van de stoel. 

Iedere keer als hij mijn klit naar binnenzuigt, duwt hij twee vingers gekromd naar binnen en weet een intens prikkelend plekje te vinden. Ik grom diep vanuit mijn keel en geef me over aan deze ervaren verrukkelijke man. Ik denk niets meer, ik hoor alleen nog het razen van mijn bloed in mijn oren en voel iets losbarsten in mij dat ik heel lang niet heb gevoeld. De geluiden van zijn krachtig zuigende smakkende mond en zijn vingers in mijn soppende kutje resoneren in de witte behandelkamer. Ik verzet me tegen een orgasme, wil niet dat deze goddelijke sensaties stoppen.
Maar als hij ineens hard in mijn klit bijt, breek ik. Alles breekt. 

Met een oerkreet en een enorme guts loskomend geil, val ik over de rand, duizel ik de eeuwigheid in en vibreer met het universum mee in een waanzinnig orgasme.

 

Nog nat en trillend zit ik op zijn borst, op zijn witte jas. Mijn oogleden voelen dik en zwaar. Ik strijk met mijn handen door zijn haar en veeg mijn geilsporen van zijn wangen. Met een voldane, bijna triomfantelijke, blik likt hij met zijn tong zijn kin schoon en streelt mijn rug. 

‘Dus, je begrijpt, mejuffrouw,’ zegt hij met een warme stem, ‘je behandeling is voorlopig nog niet klaar ’

‘Mondje open,’ zeg ik, ‘wekelijks!’ 

Hij trekt me lachend voorover en kust me zoals ik al heel lang niet ben gekust.

meer lezen 2 commentaren

zo

15

mei

2016

Kinky Life

Zomaar uit het niets ontstond in huize Daen warempel een mooi debat over ‘’the kinky way of life’’. Grote vraag die zich daarbij aandiende was ‘’Wat zijn nu precies de definities van kinky?’’ 

Nu ja, dat is een goeie! Kan iemand mij vertellen wat wel en wat niet onder de noemer van kinky valt?

“Sterk afwijkend van de seksuele norm en daardoor aantrekkelijk”

“Pikant en enigzins pervers”

“Tegennatuurlijk en verdorven”

Dit zijn slechts enkele definities van onze vrienden van de bekende woordenboeken. En eerlijk gezegd maakte ik me daar ineens boos over. Over wiens normen hebben we het hier eigenlijk? Wie bepaalt de seksuele norm? Wie bepaalt wat tegennatuurlijk is, als er miljoenen mensen op deze prachtige aarde zich daar aan overgeven? Wanneer overschrijden wij een norm? Zo subjectief als de pest, wat mij betreft en ook volledig opgehangen aan de zedenprediking van iedere cultuur.

Dat de omschrijving van ‘pervers en kinky’ mij ineens in het verkeelde keelgat schoot, heeft alles te maken met het feit dat ik niet geloof in het begrip ‘tegennatuurlijk’.

 

Wij mensen, met al onze eigenaardigheden, zijn ook producten van de natuur. En alles wat wij in ons hebben, behoort daar dus toe. In ieder land ter wereld, in iedere tijd en in iedere cultuur, in alle gebieden op deze aarde, bestaan zaken als ‘houden van pijn’, dominantie en ondergeschiktheidsgedrag, anale seks en de drang om ons seksueel te manifesteren. Is de seksuele norm dan gewoon standje rechtopenneer binnen een relatie? Is meedoen aan een gangbang afwijkend gedrag? Maakt het ons verdorven? Is wat in de Kama Sutra beschreven is, verdorven? 

 

Ik schijn onder de noemer ‘’kinky’’ te vallen omdat ik een HeleHogeHakken fetisj heb, van korsetten houd undsoweiter. Ooit werd ik gewezen op het feit dat de ‘natuur’vrouwen in Afrika dit niet zouden doen. Ha, laat me niet lachen! Kent u de plaatjes van dames die met 30 halsringen hun nek uitrekken? Die allerlei voorwerpen door hun oren en lichaam boren? Die zich verven met Indigo en allerlei andere kleuren? Daarmee verhogen zij hun seksuele aantrekkelijkheid, mind you. 

Misschien is het wel zo dat wij, gebukt onder de normerende regels van religie, zeden en moraal, zo ver van onze natuurlijk staat van seksualiteit zijn komen te staan, dat we niet meer weten wat natuurlijk gedrag is. En dat onze perversiteit bestaat in het onderdrukken en ringeloren van onze seksualiteit. Druk geeft altijd tegendruk lieve lezers, dat is een natuurwet. Hoe zwaarder de onderdrukking van de seksuele beleving, hoe meer normerende waarden wij de maatschappij toekennen, hoe groter de uitwassen worden. Het is niet voor niets dat in landen waar de vrouw het meest wordt onderdrukt, ook het meeste geweld tegen vrouwen plaatsvindt. Gedrag wat tegenwoordig helaas steeds meer in Nederland te zien is. 

Wist u dat mensen die na een zware verslaving afkicken en weer een beetje op aarde komen, ‘eten en seks’ als eerste levensbehoefte voelen bovenkomen? Nog voordat ze behoefte krijgen aan slapen en veiligheid? Wat zegt dat over ons als mens? 

 

The kinky way of life is, in dit geval, voor mij een van de eerste levensbehoeftes. Sla me op de billen, bijt mij in de rug, laat mij rondparaderen op HeleHogeHakken met een adembenemend korset, laat mij vol genoegen het zaad van mijn wangen likken en laat mij in de late nacht of de vroege ochtend de benen spreiden om Lustgenoot in liefde te ontvangen. Dat is Leven, lieve lezers. En alles dat in ons leeft, is natuurlijk. Al die wil fistfucken, door hoge hakken wil worden vertrappeld, gebonden aan het plafond wil hangen, het heerlijk vindt om te geselen of graag neukt met opblaaspoppen: het is u allen van harte gegund! Ieder mens heeft zijn eigen liefhebberijen als het op seks aankomt en een norm is niet te geven. De enige norm die ik accepteer betreft  het wederzijds genoegen en goedvinden. Zolang er daarbij sprake is van gelijkwaardigheid, is er wat mij betreft geen taboe in het Land der Lusten.

 

En wie het in zijn hoofd krijgt dat homoseksualiteit van zowel mannen als vrouwen tegennatuurlijk zou zijn: bij bijna alle zoogdieren komt het voor! Ook bij apen, dolfijnen, olifanten en zelf honden en katten.  En wie denkt dat gangbangs of het meervoudig hebben van seksuele partners tegennatuurlijk is, moet eens een weekje op de apenrots gaan kijken. Het is alleen uit heel veel boekjes weggehaald en in de wetenschap, onder druk van macht en religie, genegeerd.
Want weet u:  Lust en vrije Lustbeleving maakt dat wij niet meer horig zijn en onze macht en kracht terugnemen als mens. Het maakt dat wij andere prioriteiten krijgen dan Volk en Vaderland. Het maakt dat wij niet meer luisteren naar de staat en wellicht onwilliger zijn hard te werken voor andermans geld.  

 

Perversiteit? Weet u wat ik pervers vind? Ontkennen hoe seksueel wij eigenlijk als wezens zijn. Lieve leuke normale mensen gebukt laten gaan onder de idee dat ze abnormaal zijn. Je lief in de kont neuken beschouwen als vies. Vrouwen zichzelf laten bedekken en angstig maagd laten blijven tot ze bijkans gek worden. Gezonde dagelijkse Lustbehoeften bestempelen als tegennatuurlijk.  Normen en waarden creëren en opleggen die nergens anders in de natuur voorkomen en die ons zeker geen betere mensen maken.  Homoseksualiteit en sodomie beschouwen als een misdaad. Vrouwen besnijden, slaan en verkrachten. Geen plezier meer mogen en daardoor kunnen beleven aan Lust. Dat is pas pervers en verdorven. Want in the end, het Leven zelf, met al haar heerlijke eigenaardigheden, is Kinky! 

Moraal van dit verhaal lieve Lezer: geniet van The Kinky Life!

meer lezen 5 commentaren